Sinds 2 augustus 2026 moet je zichtbaar vermelden dat beeld, audio of video door AI is gegenereerd of gemanipuleerd. Wat artikel 50 AI Act van adverteerders en werkgevers eist, waarom het platformlabel je plicht niet overneemt, en hoe de Reclame Code en het portretrecht erbovenop komen.

Canonical: https://recruitmentads.com/nl/artikel-50-ai-act

Gids

# Artikel 50 AI Act: wat je sinds 2 augustus 2026 zichtbaar moet vermelden

Het automatische AI-label van Meta of LinkedIn neemt jouw plicht als gebruiksverantwoordelijke niet over, en op een AI-avatar verschijnt het meestal niet eens. Dit is wat er dan wel van je wordt verwacht bij reclame en vacatureadvertenties, plus de twee Nederlandse lagen die er bovenop komen.

Niels Geominy18 augustus 202612 min lezenRecht gecontroleerd op 18 augustus 2026

## Het korte antwoord

Ja, als je uiting een fotorealistische persoon toont die door AI is gegenereerd of gemanipuleerd. Artikel 50 AI Act legt die plicht in lid 4 bij jou als gebruiksverantwoordelijke: de werkgever of het bureau dat besloot de tool in te zetten en bepaalde hoe dat gebeurde.

Nee, het label van het platform doet dat niet voor je. De Commissie schrijft in haar richtsnoeren van 20 juli 2026 dat een gebruiksverantwoordelijke niet mag steunen op de machineleesbare markering die de aanbieder in de content zet. En op een AI-avatar verschijnt zo'n label meestal helemaal niet, omdat er in het bestand geen herkomstgegevens zitten die uitgelezen kunnen worden.

Artikel 50 geldt sinds 2 augustus 2026 en is niet uitgesteld. De Digital Omnibus stelde het hoogrisicoregime uit, niet dit artikel. De enige overgangstermijn loopt tot 2 december 2026, geldt aan de kant van de aanbieder en dekt alleen de machineleesbare markering.

De zichtbare vermelding is dus van jou: op de uiting zelf, vanaf het eerste frame, op een plek die een kandidaat niet kan missen.

## De data, zoals ze er nu staan

| Datum           | Wat er geldt                                                                                          | Status                                                                   |
| --------------- | ----------------------------------------------------------------------------------------------------- | ------------------------------------------------------------------------ |
| 2 augustus 2026 | Artikel 50 van toepassing: transparantieverplichtingen voor aanbieders en gebruiksverantwoordelijken. | Geldt nu. Geen overgangstermijn voor lid 4.                              |
| 2 december 2026 | Einde van de overgangstermijn van artikel 111, lid 4 voor de machineleesbare markering.               | Alleen aanbieders, alleen systemen die er vóór 2 augustus 2026 al waren. |
| 2 december 2027 | Hoogrisicoregime van bijlage III, inclusief punt 4 (werkgelegenheid).                                 | Uitgesteld bij Verordening (EU) 2026/1744. Vaste datum, geen voorwaarde. |
| 2 augustus 2028 | Hoogrisicoregime van bijlage I (in producten ingebouwde systemen).                                    | Uitgesteld bij dezelfde verordening.                                     |

Bron: Verordening (EU) 2024/1689, artikel 113 en artikel 111, zoals gewijzigd bij Verordening (EU) 2026/1744.

## Wat er op 2 augustus 2026 wel en niet veranderde

**Artikel 50 AI Act**, in het Nederlands artikel 50 van de AI-verordening, is sinds **2 augustus 2026** van toepassing. Het is niet uitgesteld. Dat ene feit haalt een streep door een groot deel van wat er op dit moment over AI in reclame is gepubliceerd, want de Digital Omnibus stelde wel degelijk iets uit en wordt structureel gelezen alsof hij alles uitstelde.

De Omnibus is **Verordening (EU) 2026/1744**, aangenomen op 8 juli 2026, gepubliceerd in het Publicatieblad op 24 juli 2026 en in werking sinds 27 juli 2026. Wat hij uitstelde is het hoogrisicoregime: **bijlage III schoof van 2 augustus 2026 naar 2 december 2027** en bijlage I naar 2 augustus 2028. Punt 4 van bijlage III gaat over werkgelegenheid, en dat is precies de bepaling waarop recruitmenttechnologie haar urgentie voor 2026 had gebouwd.

Artikel 50 valt buiten die structuur. Het hangt aan wat een systeem _doet_ en niet aan hoe risicovol het is: systemen die met mensen communiceren, systemen die synthetische audio, beeld, video of tekst genereren, emotieherkenning, en deepfakes. Daarom raakte het uitstel het niet.

Nog één opmerking over de naamgeving, omdat beide varianten in omloop zijn: _artikel 50 AI Act_ en _artikel 50 AI-verordening_ zijn hetzelfde artikel van hetzelfde instrument. Nederlandse zoekers gebruiken bijna zonder uitzondering de Engelse naam, ook midden in een verder Nederlandse vraag.

### De enige overgangstermijn, en waar die ophoudt

Een nieuw artikel 111, lid 4 geeft generatieve systemen die vóór 2 augustus 2026 al op de markt waren de tijd tot **2 december 2026**. Lees de reikwijdte precies, want er gelden drie beperkingen tegelijk:

- De termijn zit **aan de kant van de aanbieder**. Hij ontlast de leverancier van de generatietool, niet de werkgever of het bureau dat ermee werkt.
- Hij dekt **alleen de machineleesbare markering van lid 2**. De richtsnoeren voegen toe dat een systeem dat deels interactief en deels generatief is, het uitstel alleen voor het markeren krijgt; de plicht van lid 1 om duidelijk te maken dat iemand met een AI te maken heeft, gold vanaf 2 augustus onverkort.
- Hij geldt **alleen voor bestaande systemen**. Alles wat op of na 2 augustus 2026 op de markt kwam, had geen enkele overgangstermijn.

**Voor de vermeldingsplicht van lid 4 bestaat geen overgangstermijn.** Zet je als werkgever of bureau binnen de EU creatie in die met AI is gemaakt, dan geldt de plicht sinds 2 augustus 2026. Er is niets om op te wachten.

En dan de vraag die de financiële afdeling altijd als eerste stelt: nee, het werkt niet met terugwerkende kracht. Content die vóór 2 augustus 2026 is gegenereerd, hoeft niet alsnog te worden gemarkeerd of vermeld. Tekst die vóór die datum is gegenereerd maar op of na die datum wordt _gepubliceerd_, valt er wel onder. Wie nog oude, niet-vermelde deepfakes heeft staan, wordt aangemoedigd om ze alsnog te labelen, maar is daartoe niet verplicht, en de Commissie verwacht uitdrukkelijk geen onevenredige inspanningen zoals het uitkammen van een heel archief.

## Twee plichten, twee partijen: aanbieder en gebruiksverantwoordelijke

Bijna alle verwarring op dit onderwerp komt voort uit het door elkaar halen van twee plichten die de AI-verordening juist strikt gescheiden houdt. Het artikel heet in het Nederlands voluit “Transparantieverplichtingen voor aanbieders en gebruiksverantwoordelijken van bepaalde AI-systemen”, en die twee woorden zijn geen synoniemen.

**Lid 2 is de plicht van de aanbieder.** Wie een systeem op de markt brengt dat synthetische audio, beeld, video of tekst genereert, moet ervoor zorgen dat de output machineleesbaar wordt gemarkeerd en detecteerbaar is als kunstmatig gegenereerd of gemanipuleerd, voor zover technisch haalbaar. Watermerken, metadata, cryptografische herkomstgegevens, logging en vingerafdrukken zijn allemaal aanvaardbare technieken; een volledige herkomstketen is niet verplicht. Daarnaast loopt een aparte detectieplicht: de aanbieder moet mensen die met de content in aanraking komen een manier geven om dat te controleren.

**Lid 4 is de plicht van de gebruiksverantwoordelijke.** Wie een systeem inzet dat beeld-, audio- of videocontent genereert of bewerkt die een deepfake vormt, moet _bekendmaken_ dat de content kunstmatig is gegenereerd of gemanipuleerd. Lid 5 bepaalt vervolgens hoe: de informatie wordt _uiterlijk op het moment van de eerste interactie of blootstelling op duidelijke en te onderscheiden wijze_ verstrekt, en moet voldoen aan de toepasselijke toegankelijkheidseisen. Deze pagina noemt dat kortweg de vermelding.

Een recruitmentmarketeer is gebruiksverantwoordelijke. De leverancier van de generatietool is aanbieder. Dat de aanbieder zijn plicht nakomt, betekent niet dat jij de jouwe hebt vervuld, en de Commissie zegt dat met zoveel woorden: een gebruiksverantwoordelijke mag niet steunen op de machineleesbare markering die de aanbieder onder lid 2 in de content heeft aangebracht, omdat die markering niet zonder technische hulpmiddelen waarneembaar is (richtsnoeren C(2026) 5054, 20 juli 2026).

Die ene zin is het hele antwoord op de platformvraag, en daar komen we zo op terug.

### Wie is de gebruiksverantwoordelijke: jij, je bureau, of allebei

- **Het bureau dat de tool bedient, is gebruiksverantwoordelijke.** De richtsnoeren noemen een reclamebureau als voorbeeld van een zakelijke gebruiksverantwoordelijke, en merken op dat het inschakelen van opdrachtnemers of freelancers die rol niet verschuift.
- **Een werkgever die alleen opdracht geeft, is het niet**, mits hij geen beslissingen neemt en geen invloed uitoefent op de vraag of en hoe het bureau AI inzet in de productie. Dat is een echte verdeling van aansprakelijkheid, en die hoort bewust in het contract te staan in plaats van er later uit te blijken.
- **Een werkgever die de tool zelf draait, is het wel.** Bouwt hij het systeem in eigen huis, dan is hij aanbieder en gebruiksverantwoordelijke tegelijk, met zowel de markerings- als de vermeldingsplicht.
- **Beide partijen kunnen het tegelijk zijn**, onafhankelijk van elkaar, wanneer beide inzetbeslissingen nemen.
- **Het advertentieplatform is niet jouw gebruiksverantwoordelijke.** Een platform dat alleen content van derden verspreidt, neemt die rol niet over. Het wordt er wel een zodra het AI voor eigen doeleinden gebruikt, en de richtsnoeren noemen daarbij uitdrukkelijk het maken van beeld voor het eigen marketingmateriaal.

Let op wat hier niet staat. Het platform wordt niet verantwoordelijk voor jouw label. Productie uitbesteden aan een bureau verplaatst de plicht; het laat haar niet verdampen.

## Wanneer is jouw uiting een deepfake?

Dit is het punt waarop de meeste artikelen de mist ingaan, en het bepaalt of de plicht je raakt.

Artikel 3, punt 60 omschrijft een deepfake als door AI gegenereerde of gemanipuleerde beeld-, audio- of videocontent die gelijkenis vertoont met bestaande personen, voorwerpen, plaatsen, entiteiten of gebeurtenissen en die ten onrechte voor authentiek of waarheidsgetrouw zou worden aangezien. Vluchtig gelezen klinkt “bestaande personen” als een echt, identificeerbaar mens, en zou een volledig verzonnen synthetische presentator er dus buiten vallen.

De richtsnoeren van de Commissie van 20 juli 2026 lezen het aanzienlijk ruimer. Het is genoeg dat een gesimuleerde persoon lijkt op iemand die _plausibel zou kunnen bestaan_, en de grens wordt pas getrokken bij content die de natuurwetten tart. Onder “personen” vallen uitdrukkelijk ook realistische, door AI gegenereerde avatars en persona's, naast digitale replica's van echte mensen en persoonskenmerken als beeld, stem en gedrag.

Het eigen voorbeeldenlijstje van de Commissie bevat een realistische synthetische avatar van een bestuurder die medewerkers toespreekt over de jaarcijfers. Dat is qua opbouw precies de employer-brandingvideo die deze sector op dit moment produceert.

Drie punten uit dezelfde richtsnoeren veranderen hoe je je eigen creatie beoordeelt:

- **Opzet om te misleiden is niet vereist.** De toets is objectief.
- **Het publiek is het redelijkerwijs te verwachten publiek**, niet een gemiddelde kijker, met uitdrukkelijke aandacht voor mensen met minder digitale geletterdheid en AI-geletterdheid. Een kandidatenpubliek is per definitie breed.
- **Fotorealisme is een aanwijzing, geen doorslaggevend criterium.** Dat is meteen de enige echte uitweg: een bewust gestileerde of geïllustreerde uitvoering kan een uiting volledig buiten lid 4 houden.

Kleine bewerkingen blijven erbuiten. Achtergrondbewerking, belichting, kleurcorrectie en cosmetische aanpassingen hebben slechts beperkte impact, en de richtsnoeren noemen het vervangen van een achtergrond voor duidelijk esthetische doeleinden in productreclame met zoveel woorden. Samengestelde scènes die veranderen hoe mensen worden weergegeven, profiteren daar niet van.

### De artistieke uitzondering redt een vacatureadvertentie niet

Lid 4 verzacht de vermelding bij content die kennelijk artistiek, creatief, satirisch of fictioneel is: de vermelding mag dan het genot van het werk niet in de weg staan. Die uitzondering wordt breed overschat. De richtsnoeren zeggen dat deze categorieën strikt worden uitgelegd, dat content die uitsluitend informatief of commercieel van aard is en als zodanig herkenbaar is, erbuiten valt, en dat bij een gemengd karakter het informatieve karakter voorgaat. Reclame kan er in specifieke situaties onder vallen, maar niet als categorie. Een vacatureadvertentie is commercieel en informatief tegelijk. Ga uit van de volledige vermeldingsplicht.

## Het platformlabel neemt je plicht niet over

Dit is de vraag die iedereen in recruitmentmarketing werkelijk heeft, en er zijn twee onafhankelijke antwoorden. Allebei nee.

**Juridisch.** Een gebruiksverantwoordelijke mag niet leunen op markering aan de kant van de aanbieder, omdat de vermelding begrijpelijk en waarneembaar moet zijn zonder specifieke technische hulpmiddelen. Een platformtag die is afgeleid uit ingebedde metadata is precies wat de Commissie uitsluit. Daar komt bij dat een vermelding niet op duidelijke en te onderscheiden wijze is verstrekt wanneer ze onder normale omstandigheden makkelijk over het hoofd kan worden gezien; menu's en gebruiksvoorwaarden worden als voorbeeld genoemd. Een label achter een driepuntsmenu of in een uitgeklapte beschrijving faalt dus ook op de plaatsing.

**Technisch** is het erger, en dit heeft vrijwel niemand nagelopen: het label verschijnt meestal helemaal niet.

Automatisch labelen is geen detectie. Het is het uitlezen van een manifest. Meta labelt een advertentie omdat het bestand C2PA- of IPTC-herkomstgegevens draagt waarin staat dat het synthetisch is. Draagt het bestand niets, dan gebeurt er niets. En de gangbare tools voor AI-avatars schrijven zulke gegevens niet weg: geen van de bekende avatar- en beeldgeneratoren stond op de conformiteitslijst van het C2PA-conformiteitsprogramma toen wij die voor het laatst controleerden, op 5 augustus 2026. Een synthetische testimonial van een medewerker, gemaakt in zo'n tool, wordt geleverd zonder enige cryptografische herkomst. Er is geen manifest voor LinkedIn of Meta om uit te lezen, dus er wordt geen automatisch label gegenereerd.

Het geruststellende denkbeeld, “het platform markeert het wel, dus wij zitten goed”, klopt dus twee keer niet. Het zou niet volstaan als het verscheen, en het verschijnt niet.

### De platforms, één voor één

Elk van deze mechanismen bestaat echt, en elk ervan is een platformregel met een platformsanctie. Geen ervan is de vermelding waar lid 4 om vraagt. De laatste kolom is wat er voor jou overblijft nadat het platform alles heeft gedaan wat het doet.

| Platform                                        | Wat het label werkelijk is                                                                                                                                                                                                                                                                                                   | Voldoet dit aan lid 4?           | Wat jij nog moet doen                                                                                                                                                                                                                                                                |
| ----------------------------------------------- | ---------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- | -------------------------------- | ------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------ |
| LinkedInGesponsord en organisch                 | Geen enkele mogelijkheid om het zelf te melden. De advertentieregels noemen AI niet. Het aanknopingspunt zit in de Professional Community Policies, die niet-vermelde synthetische media verbieden waarin iemand iets zegt wat hij niet heeft gezegd. C2PA Content Credentials worden passief getoond waar ze aanwezig zijn. | Nee, en het verschijnt niet eens | Alles. LinkedIn geeft je geen mechanisme, dus de hele vermelding moet in de creatie zelf zitten. Dat is het dunste regime van alle grote platforms, op het platform dat voor werving het meest telt.                                                                                 |
| MetaBetaalde advertenties (Facebook, Instagram) | Automatisch. Meta leest C2PA- en IPTC-herkomstgegevens en zet het resultaat onder het driepuntsmenu, bij Over deze advertentie, als AI-info. Voor gewone advertenties bestaat er geen meldplicht voor de adverteerder.                                                                                                       | Nee, en het verschijnt niet eens | Een zichtbaar label in of over de creatie zelf, aanwezig vanaf het eerste frame. Een label twee tikken diep in een menu wordt niet op duidelijke en te onderscheiden wijze verstrekt bij de eerste blootstelling, en in een avatarbestand zit sowieso geen manifest om uit te lezen. |
| MetaOrganische posts                            | Zelf melden via de AI-meldfunctie van Meta. Verplicht voor fotorealistische video en realistisch klinkende audio; volgens de eigen formulering van Meta geldt de eis niet voor afbeeldingen.                                                                                                                                 | Nee                              | Zet het vinkje, en label de uiting daarnaast alsnog, ook op de afbeeldingen die de regel van Meta zelf uitzondert. Een platformregel met een platformsanctie is geen naleving van een verordening die voorschrijft waar en hoe de vermelding moet staan.                             |
| TikTokOrganisch en betaald                      | AIGC-label, aangebracht door de maker, verplicht bij realistisch ogende scènes of mensen. Kan met het label, een bijschrift, een watermerk of een sticker.                                                                                                                                                                   | Nee                              | Breng het AIGC-label aan en toets het daarna aan lid 5: zichtbaar bij de eerste blootstelling, en herhaald waar een kijker halverwege instapt. Dit is van alle platforms het dichtst bij de juiste vorm, omdat het door de maker wordt aangebracht en zichtbaar is.                  |
| YouTubeOrganisch en betaald                     | Melding van gewijzigde of synthetische content, in te stellen in YouTube Studio. Wordt in de speler getoond bij gevoelige onderwerpen; anders staat ze in de uitgeklapte beschrijving.                                                                                                                                       | Nee                              | Stel de melding in, en zet een zichtbaar label in de video zelf. Een vacature is geen gevoelig onderwerp, dus de melding landt in de uitgeklapte beschrijving, en dat is precies de plaatsing die de Commissie aanmerkt als makkelijk over het hoofd te zien.                        |
| Google AdsZoeken, Display, Demand Gen           | Geen algemene AI-meldplicht. Het enige toepasselijke beleid is Onjuiste voorstelling van zaken, dat gaat over het manipuleren van media om te misleiden. Verkiezingsadvertenties hebben een eigen instelling voor gewijzigde of synthetische content; vacatureadvertenties niet.                                             | Nee                              | De volledige zichtbare vermelding, zonder enige hulp. Er is hier niets dat een verplichting kan afdekken, en het ontbreken van een platformregel is niet het ontbreken van een wettelijke plicht.                                                                                    |

LinkedIn

Gesponsord en organisch

- Wat het label werkelijk is

  Geen enkele mogelijkheid om het zelf te melden. De advertentieregels noemen AI niet. Het aanknopingspunt zit in de Professional Community Policies, die niet-vermelde synthetische media verbieden waarin iemand iets zegt wat hij niet heeft gezegd. C2PA Content Credentials worden passief getoond waar ze aanwezig zijn.

- Voldoet dit aan lid 4?

  Nee, en het verschijnt niet eens

- Wat jij nog moet doen

  Alles. LinkedIn geeft je geen mechanisme, dus de hele vermelding moet in de creatie zelf zitten. Dat is het dunste regime van alle grote platforms, op het platform dat voor werving het meest telt.

Meta

Betaalde advertenties (Facebook, Instagram)

- Wat het label werkelijk is

  Automatisch. Meta leest C2PA- en IPTC-herkomstgegevens en zet het resultaat onder het driepuntsmenu, bij Over deze advertentie, als AI-info. Voor gewone advertenties bestaat er geen meldplicht voor de adverteerder.

- Voldoet dit aan lid 4?

  Nee, en het verschijnt niet eens

- Wat jij nog moet doen

  Een zichtbaar label in of over de creatie zelf, aanwezig vanaf het eerste frame. Een label twee tikken diep in een menu wordt niet op duidelijke en te onderscheiden wijze verstrekt bij de eerste blootstelling, en in een avatarbestand zit sowieso geen manifest om uit te lezen.

Meta

Organische posts

- Wat het label werkelijk is

  Zelf melden via de AI-meldfunctie van Meta. Verplicht voor fotorealistische video en realistisch klinkende audio; volgens de eigen formulering van Meta geldt de eis niet voor afbeeldingen.

- Voldoet dit aan lid 4?

  Nee

- Wat jij nog moet doen

  Zet het vinkje, en label de uiting daarnaast alsnog, ook op de afbeeldingen die de regel van Meta zelf uitzondert. Een platformregel met een platformsanctie is geen naleving van een verordening die voorschrijft waar en hoe de vermelding moet staan.

TikTok

Organisch en betaald

- Wat het label werkelijk is

  AIGC-label, aangebracht door de maker, verplicht bij realistisch ogende scènes of mensen. Kan met het label, een bijschrift, een watermerk of een sticker.

- Voldoet dit aan lid 4?

  Nee

- Wat jij nog moet doen

  Breng het AIGC-label aan en toets het daarna aan lid 5: zichtbaar bij de eerste blootstelling, en herhaald waar een kijker halverwege instapt. Dit is van alle platforms het dichtst bij de juiste vorm, omdat het door de maker wordt aangebracht en zichtbaar is.

YouTube

Organisch en betaald

- Wat het label werkelijk is

  Melding van gewijzigde of synthetische content, in te stellen in YouTube Studio. Wordt in de speler getoond bij gevoelige onderwerpen; anders staat ze in de uitgeklapte beschrijving.

- Voldoet dit aan lid 4?

  Nee

- Wat jij nog moet doen

  Stel de melding in, en zet een zichtbaar label in de video zelf. Een vacature is geen gevoelig onderwerp, dus de melding landt in de uitgeklapte beschrijving, en dat is precies de plaatsing die de Commissie aanmerkt als makkelijk over het hoofd te zien.

Google Ads

Zoeken, Display, Demand Gen

- Wat het label werkelijk is

  Geen algemene AI-meldplicht. Het enige toepasselijke beleid is Onjuiste voorstelling van zaken, dat gaat over het manipuleren van media om te misleiden. Verkiezingsadvertenties hebben een eigen instelling voor gewijzigde of synthetische content; vacatureadvertenties niet.

- Voldoet dit aan lid 4?

  Nee

- Wat jij nog moet doen

  De volledige zichtbare vermelding, zonder enige hulp. Er is hier niets dat een verplichting kan afdekken, en het ontbreken van een platformregel is niet het ontbreken van een wettelijke plicht.

## Hoe een vermelding eruitziet die wel voldoet

Lid 5 stelt drie eisen aan de vorm: **op duidelijke en te onderscheiden wijze**, **uiterlijk op het moment van de eerste interactie of blootstelling**, en in overeenstemming met de toepasselijke toegankelijkheidseisen. De Praktijkcode voor transparantie van AI-gegenereerde content van 10 juni 2026 vult dat concreet in: een gratis EU-icoon in bijlage 1, de hoofdletters AI als belangrijkste visuele element, geplaatst waar geen andere elementen overheen vallen zoals rechtsboven, en bij video een vermelding aan het begin, met regelmatige tussenpozen en in elk geval na een onderbreking.

Dat de praktijkcode vrijwillig is, maakt haar niet vrijblijvend: naleving van een adequate praktijkcode telt uitdrukkelijk mee als verzachtende omstandigheid bij het bepalen van een boete. Dat is het concrete commerciële argument om de specificatie te volgen in plaats van een eigen label te bedenken.

Stichting Reclame Code geeft in haar bericht van 29 juli 2026 een aantal Nederlandse formuleringen die je letterlijk kunt overnemen. Er is geen voorgeschreven standaardtekst; dit zijn voorbeelden en geen limitatieve lijst.

- “Deze afbeelding is gegenereerd met AI”

  Stilstaand beeld dat volledig door een model is gemaakt.

- “Deze video bevat door AI gegenereerde beelden”

  Montage waarin echte opnamen en gegenereerde shots door elkaar lopen.

- “De persoon in deze reclame is met behulp van AI gegenereerd”

  Synthetische presentator of avatar, ook als die persoon niet bestaat.

- “Deze stem is met behulp van AI gegenereerd of gemanipuleerd”

  Voice-over of gekloonde stem, ook onder verder echt beeld.

- “Dit beeld is met behulp van AI gemanipuleerd”

  Echte opname waarin een persoon wezenlijk is aangepast.

Bron: Stichting Reclame Code, 29 juli 2026. De toelichting bij elke zin is van ons.

### Zes beslissingen, in volgorde

Alleen de eerste kan de verplichting wegnemen. De rest voldoet eraan.

1. #### Bepaal eerst of de uiting überhaupt een deepfake is

   Fotorealistische mensen vallen eronder, ook verzonnen mensen. Gestileerde, geïllustreerde of duidelijk onwerkelijke figuren voldoen niet aan de toets dat zij ten onrechte voor authentiek zouden worden aangezien, en vallen daarmee buiten lid 4. Kiezen voor een niet-fotorealistische uitvoering is een legitieme uitweg uit de verplichting, en de enige die standhoudt.

2. #### Stel vast of jij de gebruiksverantwoordelijke bent

   Wie besloot de tool in te zetten en bepaalde hoe die werd gebruikt, is gebruiksverantwoordelijke. Een werkgever die een bureau briefte en het systeem nooit aanraakte, is dat niet; het bureau wel. Een werkgever die de tool zelf draait, is het wel. Beide partijen kunnen het tegelijk zijn, onafhankelijk van elkaar.

3. #### Zet de vermelding op de uiting, niet eromheen

   De praktijkcode publiceert een gratis EU-icoon en noemt de hoofdletters AI als belangrijkste visuele element, eventueel met gegenereerd of gemanipuleerd erbij. Plaats het waar geen andere elementen overheen vallen, bijvoorbeeld rechtsboven. Advertentietekst, een bijschrift of een vinkje in een platforminstelling is niet de vermelding.

4. #### Zorg dat het een scrollende kandidaat bereikt

   Bij video: aan het begin, met regelmatige tussenpozen, en in elk geval na een onderbreking. De eerste blootstelling wordt per persoon beoordeeld, dus een vermelding die alleen aan het begin staat, faalt voor iedereen die halverwege een loop instapt. Bij alleen audio: een gesproken mededeling aan het begin, in gewone taal.

5. #### Controleer of de uiting ook zonder label eerlijk is

   Vermelden heft misleiding niet op. Werkt de uiting alleen omdat de kijker gelooft dat de synthetische presentator een echte medewerker is die over een echte baan vertelt, dan redt het label haar niet. Het legt haar vast.

6. #### Leg het vast

   Welke tool wat genereerde, wie het goedkeurde, welk label is aangebracht, en welke instructie over AI-geletterdheid is gegeven aan degene die de tool bediende. Artikel 4 is een verplichting om maatregelen te nemen, dus het bewijs van de maatregel is de naleving.

Wat geen vermelding is: een zin in de advertentietekst, een regel in het bijschrift, een vinkje in een platforminstelling, of een mededeling in de uitgeklapte beschrijving. Die staan allemaal naast de uiting in plaats van erop.

## De Reclame Code, en de vraag die eronder ligt

Nederlandse adverteerders hebben een tweede laag, en die is minder hard dan hij op het eerste gezicht lijkt.

Stichting Reclame Code publiceerde op **29 juli 2026** het bericht “Nieuwe Europese regels voor AI-content in reclame”, bijgewerkt op 7 augustus 2026. Lees precies wat dat is. Het legt de plichten van artikel 50 uit aan adverteerders en levert Nederlandse voorbeeldformuleringen, en de titel zegt het zelf: het gaat om _Europese_ regels. Het is geen nieuw artikel in de Nederlandse Reclame Code. De verplichting komt uit de AI-verordening; SRC vertaalt haar naar de praktijk van adverteerders. Dat onderscheid doet ertoe, omdat het bepaalt wie je aanspreekt en met welke sanctie.

De Reclame Code zelf is in 2026 op één punt wel gewijzigd. Per **1 juli 2026** is de Reclamecode voor Social Media & Influencer Marketing herzien, onder meer om AI-gegenereerde content en virtuele influencers te dekken, met herkenbaarheid en een zorgplicht van de adverteerder als kern. Dat raakt socialmedia- en influenceruitingen, niet elke advertentie.

### Is een vacatureadvertentie eigenlijk wel reclame?

Hier zit de onbeantwoorde vraag, en voor een werkgever is die belangrijker dan de rest van deze paragraaf. De Nederlandse Reclame Code is van toepassing op _reclame_, en artikel 1 omschrijft dat als iedere openbare of systematische, directe dan wel indirecte aanprijzing van goederen, diensten of denkbeelden door een adverteerder. Daaraan is toegevoegd dat onder reclame mede wordt verstaan “het vragen van diensten”.

Dat laatste zinsdeel is de enige plausibele ingang voor een vacatureadvertentie. Of een vacature daar werkelijk onder valt, is voor zover wij hebben kunnen vaststellen **niet getoetst**. Geen beslissing van de Reclame Code Commissie beslecht het.

De eerlijke Nederlandse stand van zaken is dus deze: de AI-verordening bindt je hoe dan ook, en de Reclame Code-laag misschien wel en misschien niet. Label je toch al volgens de praktijkcode, dan is de vraag academisch. Rekende je op het zwijgen van de Reclame Code, dan is ze dat niet.

Eén ding staat wel vast, en SRC zegt het zelf: artikel 50 bevat transparantieverplichtingen, en of een uiting daarnaast misleidend is, wordt apart beoordeeld. Misleidende reclame blijft verboden onder artikel 8 van de Nederlandse Reclame Code, met AI-vermelding en zonder. Een correct label maakt een misleidende uiting niet toelaatbaar. Het documenteert haar.

Vertaald naar werving: een synthetische presentator die wordt gepresenteerd als medewerker, of een gegenereerde werkomgeving die wezenlijk afwijkt van de echte, is een reclameprobleem dat een AI-vermelding niet oplost. Het meest kwetsbare format is de door AI gegenereerde testimonial van een medewerker, waarin een afgebeeld persoon woorden uitspreekt die de zijne lijken en daarmee een werkgever aanprijst. Dat staat tegelijk bloot aan het reclamerecht, aan het portretrecht en aan lid 4.

## Portretrecht: als er een echte medewerker in beeld staat

Zodra het gezicht of de stem van een echte medewerker de generatie stuurt, is het label je makkelijkste probleem.

Nederland kent naast de AVG een eigen portretrecht. Artikel 21 van de Auteurswet bepaalt dat openbaarmaking van een niet in opdracht vervaardigd portret niet is geoorloofd voor zover een redelijk belang van de geportretteerde zich daartegen verzet. Dat is een zelfstandige grondslag: **toestemming onder de AVG heft het portretrecht niet op**, en het is niet aan dezelfde formaliteiten gebonden. Een oud-medewerker die niets onder de AVG heeft ingetrokken, of die nooit een geldige AVG-toestemming had om in te trekken, kan zich nog steeds op een redelijk belang beroepen tegen voortgezet commercieel gebruik.

De Hoge Raad besliste op **22 april 2022** (ECLI:NL:HR:2022:621) precies het punt dat hier telt. Een portret in de zin van artikel 21 Auteurswet is een afbeelding van een persoon die daarin kan worden herkend, “op welke wijze ook vervaardigd”. Een afbeelding van een lookalike kan onder omstandigheden worden aangemerkt als een portret van de persoon op wie hij lijkt. Daarvoor is niet alleen nodig dat die persoon herkenbaar is, maar ook dat de herkenning is vergroot door bijkomende omstandigheden, zoals de wijze van presenteren met grime en kleding, wat de afbeelding verder toont, of de context waarin ze openbaar is gemaakt. En, doorslaggevend voor AI-toepassingen: dat voor de kijker duidelijk is dat het de nagebootste persoon niet zelf is, staat er niet aan in de weg dat er sprake is van een portret.

Wees precies over wat die uitspraak wel en niet zegt. De Hoge Raad oordeelde over een lookalike in een filmpje, **niet over AI**. Of een door AI gegenereerde gelijkenis een portret is, is niet beslist. Maar de redenering hangt niet aan de gebruikte techniek. Ze hangt aan herkenbaarheid, aan bijkomende omstandigheden en aan de context van openbaarmaking, en de woorden “op welke wijze ook vervaardigd” staan in de maatstaf zelf.

Twee praktische gevolgen. Ten eerste dekt een standaard toestemmingsformulier voor foto's geen synthetische generatie. Wie een medewerkersfoto laat bewerken, laat animeren of als basis voor een avatar gebruikt, heeft toestemming nodig die dat gebruik met zoveel woorden benoemt. Onze [generator voor een toestemmingsformulier voor medewerkersfoto's](https://recruitmentads.com/resources/employee-photo-release-form) bevat die AI-specifieke clausules, met een aparte bepaling voor artikel 21 Auteurswet naast de AVG-grondslag.

Ten tweede is het gewicht van het redelijk belang feitelijk, en het wordt afgewogen tegen de vrijheid van meningsuiting en informatie (HR 14 juni 2013, ECLI:NL:HR:2013:CA2788, Cruijff/Tirion). Dat arrest bouwde de commerciële kant van het leerstuk rond verzilverbare populariteit, en die heeft een gewone medewerker nu eenmaal niet. Of een doorsnee werknemer via de indruk van een commerciële aanbeveling echt iets in handen heeft tegen een doorlopende campagne van een oud-werkgever, is **niet getoetst**. Vertrouw er niet op, in geen van beide richtingen.

## Wie handhaaft dit in Nederland, en wat kost het

Een eerlijk antwoord op de eerste helft: op dit moment is er niemand die daarvoor formeel is aangewezen.

Nederland heeft **geen uitvoeringswet in werking**. De Uitvoeringswet AI-verordening ging op 20 april 2026 in internetconsultatie, die liep tot 1 juni 2026, en het wetsvoorstel gaat na verwerking van het advies van de Raad van State naar de Tweede Kamer. Op 18 augustus 2026 was het daar nog niet ingediend. Zolang de wet niet in werking is, is er ook geen markttoezichtautoriteit formeel aangewezen.

Het concept schetst wel de structuur: het kabinet kiest voor een stelsel waarin meerdere bestaande toezichthouders samenwerken, met de Autoriteit Persoonsgegevens als toezichthouder voor domeinen waar geen duidelijke toezichthouder bestaat, en met de AP en de Rijksinspectie Digitale Infrastructuur in een coördinerende rol. Dat is het voornemen, niet het geldende recht.

Duitsland is het spiegelbeeld: daar is de uitvoeringswet sinds 29 juli 2026 van kracht, met de Bundesnetzagentur als centrale markttoezichtautoriteit en centraal contactpunt op residuele basis. De verplichting geldt overal; het apparaat om je te beboeten bestaat nog niet overal. Dat verschil is tijdelijk, en het is geen vrijbrief, omdat de plicht rechtstreeks uit de verordening voortvloeit en niet uit de nationale wet.

### Boetes

Schending van artikel 50 valt in de categorie van artikel 99, lid 4: tot **15 miljoen euro of 3% van de totale wereldwijde jaaromzet, het hoogste van beide**. Voor mkb-ondernemingen en start-ups draait die regel om, en geldt het _laagste_ van beide.

Los daarvan: voldoen aan artikel 50 betekent niet dat een toepassing geoorloofd is. Een systeem dat aan artikel 50 voldoet, kan nog steeds verboden zijn onder artikel 5 of als hoogrisico worden aangemerkt. De verplichtingen stapelen; ze vallen niet tegen elkaar weg.

## Wat nog niet vaststaat

Vier dingen in dit veld zijn onbeslist. Wie je iets anders vertelt, heeft de richtsnoeren niet goed gelezen.

- **Of “deepfake” werkelijk volledig verzonnen fotorealistische mensen omvat.** De Commissie zegt van wel, en ruim. Die lezing schrijft het woord “bestaande” aantoonbaar uit artikel 3, punt 60 weg, en **geen rechter heeft haar getoetst**. Wordt de definitie ooit versmald tot identificeerbare echte personen, dan valt de last op producten met synthetische presentatoren fors terug. Tot die tijd geldt: vermelden, omdat de Commissie het zegt.
- **Of een vacatureadvertentie reclame is onder artikel 1 van de Nederlandse Reclame Code.** De enige ingang is “het vragen van diensten”, en er is geen beslissing die het uitmaakt.
- **Of een door AI gegenereerde gelijkenis een portret is onder artikel 21 Auteurswet.** De Hoge Raad besliste over een lookalike, niet over AI. De maatstaf wijst één kant op, maar dat blijft een gevolgtrekking en geen oordeel.
- **Of AI-gegenereerd beeld in een vacatureadvertentie zelf discriminerend kan zijn.** Uit Europese rechtspraak volgt dat publieke uitlatingen van een werkgever over wie hij zou aannemen discriminatie kunnen opleveren zonder slachtoffer en zonder openstaande vacature. Beeld is een uitlating. **Geen toezichthouder, rechter of richtsnoer heeft die verbinding gelegd**, en niemand heeft zich uitgesproken over de vraag of gesynthetiseerde diversiteit een misleidende voorstelling van zaken is. Het is de duidelijkste witte vlek in dit veld, en hij blijft niet leeg.

De verdedigbare houding zolang dat zo blijft: behandel de demografische samenstelling van gegenereerd beeld als een bewuste, vastgelegde redactionele keuze. Een dossier waaruit blijkt dat een mens de weergave heeft gekozen en kan uitleggen waarom, is te verdedigen. Een dossier waaruit blijkt dat de output simpelweg is wat het model opleverde, niet. En een dossier waaruit blijkt dat diversiteit is gesynthetiseerd om het personeelsbestand mooier voor te stellen dan het is, evenmin. Beide faalvormen zijn bewijsrechtelijk slecht, in tegengestelde richting.

### Wat je waarschijnlijk niet bent: hoogrisico

Omdat het in elk inkooptraject terugkomt: het maken van de creatie voor een vacatureadvertentie is vrijwel zeker **geen** hoogrisicoactiviteit onder punt 4 van bijlage III. De conceptrichtsnoeren van de Commissie leggen uit dat het gericht plaatsen van vacatureadvertenties in dat punt valt omdat algoritmische targeting bepaalt _wie_ van een vacature hoort. Waar die bepaling op ziet is targeting en distributie, niet het genereren van de creatie. Employer branding en algemene bedrijfsreclame die in de praktijk niet aan een concrete vacature raken, vallen er ook buiten. Waar een campagne daar precies tussenin zit, bijvoorbeeld een doorlopende merkfilm die naar een vacaturepagina linkt, geeft geen enkel richtsnoer uitsluitsel, en de richtsnoeren op dit punt zijn nog concept. De partij die in deze keten hoogrisico wordt, is het advertentieplatform, en pas vanaf 2 december 2027. De lijn om aan jouw kant in de gaten te houden is een tool die kandidaten gaat scoren, cv's gaat filteren of doelgroepen gaat bouwen. Op dat moment verandert de analyse volledig en is dit niet meer de juiste pagina.

## Veelgestelde vragen

- Wat is artikel 50 van de AI Act?

  Artikel 50 is het transparantieregime van de AI-verordening. Het staat los van de risicocategorieën en hangt aan wat een systeem doet: systemen die met mensen communiceren, systemen die synthetische audio, beeld, video of tekst genereren, emotieherkenning en biometrische categorisering, en deepfakes. Er zitten vier plichten in. Lid 1 verplicht aanbieders duidelijk te maken dat iemand met een AI te maken heeft. Lid 2 verplicht aanbieders van generatieve systemen om de output machineleesbaar te markeren. Lid 3 gaat over emotieherkenning en biometrische categorisering. Lid 4 verplicht gebruiksverantwoordelijken om zichtbaar te vermelden dat een deepfake kunstmatig is gegenereerd of gemanipuleerd. Het artikel is van toepassing sinds 2 augustus 2026.

- Wat houdt de AI Act in voor adverteerders en werkgevers?

  Voor wie reclame en vacatureadvertenties maakt, is er vandaag maar één regime dat bindt, en dat is artikel 50. Het hoogrisicoregime voor werkgelegenheid, punt 4 van bijlage III, is bij Verordening (EU) 2026/1744 uitgesteld naar 2 december 2027. Daarnaast geldt sinds 2 februari 2025 het verbod van artikel 5 op het afleiden van emoties van mensen op de werkplek, dat de Commissie in haar richtsnoeren doortrekt naar kandidaten tijdens selectie en aanname, en de verplichting van artikel 4 om maatregelen te nemen die de AI-geletterdheid bevorderen van wie de systemen bedient. Sinds de Digital Omnibus is dat uitdrukkelijk een inspanningsverplichting: je hoeft geen bepaald niveau te garanderen, maar het bewijs van de maatregel is wel de naleving. Het genereren van creatie voor een vacature is op zichzelf geen hoogrisicoactiviteit.

- Geldt artikel 50 al, of is het uitgesteld?

  Het geldt. De Digital Omnibus, Verordening (EU) 2026/1744, in werking sinds 27 juli 2026, stelde het hoogrisicoregime uit: bijlage III van 2 augustus 2026 naar 2 december 2027 en bijlage I naar 2 augustus 2028. Artikel 50 raakte hij niet. De enige overgangstermijn die hij toevoegde loopt tot 2 december 2026, geldt alleen voor de machineleesbare markering van lid 2, alleen voor aanbieders, en alleen voor systemen die vóór 2 augustus 2026 al op de markt waren. Voor de vermeldingsplicht van lid 4 bestaat geen overgangstermijn.

- Moet ik vermelden dat een vacatureadvertentie met AI is gemaakt?

  Als er een fotorealistische persoon in beeld of te horen is die door AI is gegenereerd of gemanipuleerd: ja, en de plicht ligt bij jou als gebruiksverantwoordelijke. Gaat het om door AI geschreven advertentietekst of om een gestileerde illustratie, dan is er van jou geen zichtbare vermelding vereist. Tekst is voor lid 4 geen beeld, audio of video, en de aparte alinea over door AI gegenereerde tekst is beperkt tot publicaties die het publiek informeren over aangelegenheden van algemeen belang. Een vacature is dat niet. De machineleesbare markeringsplicht van de aanbieder blijft op die output wel gewoon rusten.

- Is het AI-label van LinkedIn of Meta genoeg?

  Nee, om twee onafhankelijke redenen. De Commissie schrijft in haar richtsnoeren van 20 juli 2026 dat een gebruiksverantwoordelijke niet mag steunen op de machineleesbare markering van de aanbieder, omdat die niet zonder technische hulpmiddelen waarneembaar is. En bij een AI-avatar verschijnt zo'n label meestal helemaal niet: platforms lezen een manifest uit in plaats van het beeld te analyseren, en de gangbare avatartools schrijven geen manifest weg. Geen manifest, geen label. LinkedIn is bovendien het enige grote platform dat je geen enkel eigen meldmechanisme geeft, terwijl het voor werving het meest telt.

- Hoe moet die vermelding er precies uitzien?

  Op duidelijke en te onderscheiden wijze, uiterlijk op het moment van de eerste interactie of blootstelling, en in overeenstemming met de toepasselijke toegankelijkheidseisen. De praktijkcode van 10 juni 2026 maakt dat concreet: een gratis EU-icoon, de hoofdletters AI als belangrijkste visuele element, geplaatst waar geen andere elementen overheen vallen zoals rechtsboven, en bij video aan het begin, met regelmatige tussenpozen en na een onderbreking. Stichting Reclame Code publiceerde op 29 juli 2026 Nederlandse voorbeeldzinnen, zoals dat de afbeelding met AI is gegenereerd of dat de persoon in de reclame met behulp van AI is gegenereerd. Een vermelding in een menu, in de voorwaarden of in een uitgeklapte beschrijving voldoet niet.

- Bestaat er een percentage AI waarboven je moet vermelden?

  Nee. Geen bepaling van de AI-verordening, geen richtsnoer van de Commissie en geen praktijkcode noemt een drempelpercentage waarboven de plicht begint. Die vraag circuleert breed en heeft geen juridische grondslag. De uitzonderingen in lid 2 zijn kwalitatief en niet kwantitatief: hulpfuncties voor standaardbewerking die geen nieuwe content genereren, en bewerkingen die de inputdata of de betekenis daarvan niet wezenlijk veranderen. Bijsnijden, kleurcorrectie, verscherpen, schalen en achtergrondvervaging worden genoemd als uitgezonderd; gezichtsvervanging, stemsynthese en het toevoegen of verwijderen van personen niet, bij welk percentage dan ook.

- Welke AI-toepassing is verboden volgens de AI Act?

  Verboden praktijken staan in artikel 5, niet in artikel 50. Voor werving is er één die er direct toe doet: het afleiden van emoties van mensen op de werkplek, en de richtsnoeren van de Commissie trekken dat door naar kandidaten tijdens selectie en aanname. Het maken van creatie voor een vacature staat niet in artikel 5. Voldoen aan artikel 50 zegt overigens niets over artikel 5. Een systeem dat aan de transparantieverplichtingen voldoet, kan nog steeds verboden of hoogrisico zijn; die regimes stapelen.

- Val ik onder het hoogrisicoregime als ik met AI een vacatureadvertentie maak?

  Vrijwel zeker niet. De conceptrichtsnoeren van de Commissie leggen uit dat het gericht plaatsen van vacatureadvertenties in punt 4 van bijlage III valt omdat algoritmische targeting bepaalt wie van een vacature hoort. Het gaat om targeting en distributie, niet om het genereren van de creatie. Employer branding dat in de praktijk niet aan een concrete vacature raakt, valt er ook buiten; over campagnes die daar precies tussenin zitten, zeggen de richtsnoeren niets, en ze zijn op dit punt nog concept. De lijn om in de gaten te houden is een tool die kandidaten gaat scoren, cv's gaat filteren of doelgroepen gaat bouwen; dan verandert de analyse volledig. Bovendien is bijlage III uitgesteld naar 2 december 2027.

- Wie houdt in Nederland toezicht op de AI-verordening?

  Op dit moment is er formeel niemand aangewezen. De Uitvoeringswet AI-verordening ging op 20 april 2026 in internetconsultatie, die liep tot 1 juni 2026, en het voorstel gaat na verwerking van het advies van de Raad van State naar de Tweede Kamer. Op 18 augustus 2026 was het daar nog niet ingediend. Het concept kiest voor meerdere bestaande toezichthouders, met de Autoriteit Persoonsgegevens voor domeinen zonder duidelijke toezichthouder en een coördinerende rol voor de AP en de Rijksinspectie Digitale Infrastructuur. De verplichting zelf vloeit rechtstreeks uit de verordening voort en geldt ongeacht die wet.

- Wat als er een echte medewerker in de AI-uiting staat?

  Dan komt er een tweede regime bij, en dat is strenger en beter afdwingbaar dan artikel 50. Naast een AVG-grondslag geldt het portretrecht van artikel 21 Auteurswet, dat door AVG-toestemming niet wordt opgeheven. De Hoge Raad besliste op 22 april 2022 (ECLI:NL:HR:2022:621) dat een portret een afbeelding is van een herkenbare persoon, op welke wijze ook vervaardigd, en dat een lookalike onder omstandigheden een portret van de nagebootste persoon kan zijn, ook wanneer de kijker weet dat hij het niet echt is. Over door AI gegenereerde gelijkenissen is nog niet beslist. Een standaard toestemmingsformulier voor foto's dekt synthetische generatie niet.

- Hoe hoog is de boete op een ontbrekende AI-vermelding?

  Schending van artikel 50 valt onder artikel 99, lid 4: tot 15 miljoen euro of 3% van de totale wereldwijde jaaromzet, het hoogste van beide. Voor mkb-ondernemingen en start-ups geldt het laagste van beide. Naleving van een adequate praktijkcode telt uitdrukkelijk mee als verzachtende omstandigheid bij het bepalen van de boete. In Nederland ontbreekt op dit moment nog een aangewezen markttoezichtautoriteit om die boete op te leggen, maar dat is een tijdelijke situatie en het schort de verplichting niet op.

## Bronnen

Alleen primaire regelgeving, toezichthoudersdocumenten en de publicaties van Stichting Reclame Code zelf. Waar deze pagina zegt dat iets niet is getoetst, is dat een uitspraak over de stand van de bronnen en geen slag om de arm.

- [Verordening (EU) 2024/1689 (AI-verordening), geconsolideerde versie](https://eur-lex.europa.eu/legal-content/NL/TXT/?uri=CELEX%3A02024R1689-20260727), geconsolideerd tot 27 juli 2026. Artikel 3 punt 60, artikel 50, artikel 99 lid 4 en artikel 111 lid 4.
- [Verordening (EU) 2026/1744 (Digital Omnibus AI)](https://eur-lex.europa.eu/eli/reg/2026/1744/oj/nld), 8 juli 2026, in werking 27 juli 2026. Stelt bijlage III uit naar 2 december 2027 en bijlage I naar 2 augustus 2028. Raakt artikel 50 niet.
- [Richtsnoeren van de Commissie over de transparantieverplichtingen van artikel 50, C(2026) 5054](https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/policies/guidelines-transparency-ai-generated-content), 20 juli 2026.
- [Praktijkcode voor transparantie van AI-gegenereerde content](https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/policies/code-practice-ai-generated-content), 10 juni 2026. Bevat het gratis EU-icoon en de specificatie voor plaatsing en herhaling.
- [Officiële EU-iconen voor het labelen van AI-gegenereerde content](https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/policies/eu-icons-labelling-ai-generated-content), 10 augustus 2026. Drie iconen (basis, volledig AI-gegenereerd, deels AI-bewerkt), vrij te gebruiken; het gebruik is optioneel, de labelplicht van artikel 50 niet.
- [Europese Commissie, veelgestelde vragen over de transparantieverplichtingen van artikel 50](https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/faqs/transparency-obligations-under-article-50-ai-act), geraadpleegd 18 augustus 2026.
- [Stichting Reclame Code, “Nieuwe Europese regels voor AI-content in reclame”](https://www.reclamecode.nl/nieuws-agenda/nieuws/nieuwe-europese-regels-voor-ai-content-in-reclame/), 29 juli 2026, bijgewerkt 7 augustus 2026. Bron van de Nederlandse voorbeeldformuleringen. Een toelichting op de Europese regels, geen nieuw artikel in de Reclame Code.
- [Nederlandse Reclame Code, Algemeen Deel (artikel 1 definitie reclame, artikel 8 misleidende reclame)](https://www.reclamecode.nl/nederlandse-reclame-code/algemeen-deel/), geraadpleegd 18 augustus 2026.
- [Stichting Reclame Code, “Update regels voor influencers en online content creators” (RSM)](https://www.reclamecode.nl/nieuws-agenda/nieuws/update-regels-voor-influencers-en-online-content-creators/), 1 juli 2026.
- [Auteurswet, artikel 21 (portretrecht)](https://wetten.overheid.nl/BWBR0001886/), geraadpleegd 18 augustus 2026.
- [Hoge Raad 22 april 2022, ECLI:NL:HR:2022:621 (lookalike als portret)](https://uitspraken.rechtspraak.nl/details?id=ECLI:NL:HR:2022:621), 22 april 2022, geverifieerd 18 augustus 2026. Rechtsoverwegingen 3.2.1 en 3.2.2 gelezen via de open data-API van de Rechtspraak.
- [Hoge Raad 14 juni 2013, ECLI:NL:HR:2013:CA2788 (Cruijff/Tirion)](https://uitspraken.rechtspraak.nl/details?id=ECLI:NL:HR:2013:CA2788), 14 juni 2013, geverifieerd 18 augustus 2026. Redelijk belang, belangenafweging en verzilverbare populariteit onder artikel 21 Auteurswet.
- [Internetconsultatie Uitvoeringswet AI-verordening](https://www.internetconsultatie.nl/uaiv/b1), 20 april tot 1 juni 2026.
- [Digitale Overheid, “Consultatie Uitvoeringswet AI-verordening van start”](https://www.digitaleoverheid.nl/nieuws/consultatie-uitvoeringswet-ai-verordening-van-start/), 21 april 2026. Bron voor de voorgenomen toezichtstructuur en de coördinerende rol van de AP en de RDI.
- [C2PA-conformiteitsprogramma](https://c2pa.org/conformance/), conformiteitslijst voor het laatst door ons gecontroleerd op 5 augustus 2026.

Dit is geen juridisch advies. Het is een werkbare samenvatting voor mensen die dit kwartaal wervingscreatie moeten opleveren, geschreven op 18 augustus 2026, in een veld dat snel beweegt. Laat je eigen jurist meekijken op alles waarop je wilt vertrouwen.

## Vermelden als standaard, niet uit het hoofd

RecruitmentAds Studio maakt van een vacature on-brand video- en beeldadvertenties voor Meta en LinkedIn, en bakt de officiële EU-iconen voor AI-labeling rechtstreeks in het eindresultaat: de iconen van de Commissie zitten in de video en de statics zelf, per plaatsing, in plaats van in het geheugen van degene die op een deadline exporteert.

[Bekijk hoe RecruitmentAds Studio werkt](https://recruitmentads.com/recruitment-video)

[Engelstalige versie: EU AI Act Article 50 and AI-generated recruitment ads](https://recruitmentads.com/resources/guides/ai-generated-recruitment-ads-disclosure)[Gratis tool: toestemmingsformulier voor medewerkersfoto's](https://recruitmentads.com/resources/employee-photo-release-form)[Engelstalige gids: wat de AI-verordening hoogrisico maakt in werving](https://recruitmentads.com/resources/guides/eu-ai-act-recruitment)
